Navigatie:
home > Preventie > Wet-en regelgeving

Wet-en regelgeving

Wie gaat bouwen kan te maken krijgen met verschillende soorten vergunningen. De meest bekende zijn wel de bouw-, milieu-, en gebruiksvergunning. De grondslag voor deze vergunningen zijn terug te vinden in de Woningwet, de wet milieubeheer en de Bouwverordening.

Daarnaast kunnen ook een aantal andere wetten van belang zijn bij het bouwen of verbouwen. Hieronder worden een aantal wetten genoemd die ook betrekking hebben op werkterrein van preventie. Bij de opsomming van de documenten is het niet de bedoeling geweest om uitputtend alle documenten te benoemen. Alleen de belangrijkste / meest voorkomende documenten zijn genoemd.

Alle wetteksten zijn te vinden op www.wetten.overheid.nl

 

Woningwet

 

De Woningwet bevat regels over bouwen en volkshuisvesting. In tegenstelling tot de naam van de wet, gaat het niet alleen om woningen, maar ook om andere bouwwerken, open erven en terreinen. Het belangrijkste onderwerp in de Woningwet is de bouwvergunning. In beginsel is het verboden om een bouwwerk op te richten zonder bouwvergunning. Een bouwvergunningaanvraag wordt getoetst aan het bestemmingsplan, het Bouwbesluit, de Bouwverordening en aan welstandseisen.

In het kader van brandveiligheid is in de Woningwet bepaald dat bij algemene maatregel van bestuur (AMvB) en bij gemeentelijke verordening nadere regels worden gesteld over onder meer de brandveiligheid van bouwwerken en het brandveilige gebruik daarvan. Deze nadere regels zijn te vinden in het Bouwbesluit respectievelijk de gemeentelijke Bouwverordening.

 

Het Bouwbesluit

 

Het Bouwbesluit 2003 vindt zijn grondslag in de Woningwet. Daarin is bepaald dat bij algemene maatregel van bestuur (AMvB) uit oogpunt van veiligheid, gezondheid, bruikbaarheid, energiezuinigheid en milieu, technische voorschriften worden gegeven over het bouwen van diverse soorten bouwwerken, maar ook voor bestaande bouwwerken.

In het kader van brandveiligheid zijn in hoofdstuk 2 van het Bouwbesluit 2003 diverse technische voorschriften opgenomen waaraan nieuwe te bouwen en al bestaande bouwwerken moeten voldoen. Een aanvraag om bouwvergunning voor een nieuw te bouwen bouwwerk, moet altijd worden getoetst aan de voorschriften van het Bouwbesluit. De voorschriften van het Bouwbesluit spelen daarnaast een belangrijke rol bij het beoordelen van aanvragen om gebruiksvergunning. Zolang niet wordt voldaan aan de voorschriften van het Bouwbesluit, mag een gebruiksvergunning niet worden verleend.

De wettekst kunt u vinden op: www.bouwbesluitonline.nl

  

Gebruiksbesluit

 

Gebouwen moeten brandveilig worden gebruikt. De brandveiligheidsvoorschriften verschilden per gemeente maar zijn per 1 november 2008 geüniformeerd in het Gebruiksbesluit. Deze voorschriften werken rechtstreeks en gelden voor elke vorm van gebruik. Daarnaast is voor de meer risicovolle vormen van gebruik een gebruiksvergunning of een gebruiksmelding nodig. (Bekijk het Gebruiksbesluit op www.overheid.nl)

 

Wanneer is een gebruiksvergunning of -melding verplicht?

 

In een gebruiksvergunning stelt het gemeentebestuur nadere eisen aan het brandveilig gebruik van dat bouwwerk. Zij stelt deze eisen alleen als deze extra eisen noodzakelijk zijn. Ze dragen bij aan het voorkomen, beperken en bestrijden van brand, brandgevaar en ongevallen bij brand.

Een gebruiksvergunning is verplicht als het bouwwerk:

 

bedrijfsmatig of in het kader van verzorging nachtverblijf verschaft aan meer dan 5 personen (zoals in een hotel, ziekenhuis, of gevangenis);

  • dagverblijf verschaft aan meer dan 5 kinderen onder de 12 jaar (zoals in een basisschool of kinderdagverblijf);

  • dagverblijf verschaft aan meer dan 5 lichamelijk of verstandelijk gehandicapte personen.

Een gebruiksmelding is verplicht als:

 

in een bouwwerk meer dan 50 personen tegelijk verblijven (dit geldt niet voor woningen en woongebouwen);

  • in een woonfunctie waar bedrijfsmatig woonverblijf wordt verschaft aan meer dan een huishouden en aan meer dan vier personen (kamergewijze verhuur);

  • op basis van gelijkwaardigheid aan de brandveiligheidseisen van het Gebruiksbesluit wordt voldaan.

Voorschriften voor onderhoud:


Voorschriften die gebaseerd zijn op het Gebruiksbesluit gaan onder meer over brandbeveiligingsinstallaties. De bouwregelgeving laat het toe dat er geen onderhoud aan een bouwwerk wordt verricht. Dit betekent dat het oorspronkelijke kwaliteitsniveau van het bouwwerk in de loop der tijd vermindert. Maar zolang het bodemniveau van de voorschriften voor bestaande bouw niet wordt onderschreden, is onderhoud niet verplicht. Om te voorkomen dat bijvoorbeeld een brandmeldinstallatie niet onderhouden wordt waardoor de functionaliteit afneemt, kunnen hier voorschriften aan verbonden worden.

De fases van het Gebruiksbesluit:

 

Op 1 november 2008 trad fase 1 van het Gebruiksbesluit in werking. Hiermee zijn voorschriften uit de Model-bouwverordening van de VNG overgeheveld naar landelijke regelgeving. Fase 2 van het Gebruiksbesluit gaat over de afstemming van de bouwtechnische, installatietechnische en gebruikstechnische eisen. Deze afstemming naar verwachting worden gerealiseerd in 2011.

 

Wet milieubeheer

 

In de Wet Milieubeheer zijn voorschriften gegeven voor het voorkomen van nadelige gevolgen voor het milieu door bedrijfsmatige activiteiten. Te denken valt aan aspecten als: externe veiligheid van mensen, geluidhinder, bodemvervuiling, luchtkwaliteit e.d. De uitvoering van deze activiteiten ligt bij de gemeente. De brandweer adviseert de gemeente bij de behandeling van aanvragen om een milieuvergunning.

In de Wet Milieubeheer zijn 25 besluiten aangewezen, de zogenaamde Algemene maatregelen van Bestuur (AmvB). De belangrijkste AmvB’s voor de brandweer zijn:

  • besluit Risico’s Zware Ongevallen
  • besluit Externe Veiligheid Inrichtingen
  • vuurwerkbesluit.

Brandweerwet

 

In de Brandweerwet ligt de lokale verantwoordelijkheid voor brandweerzorg verankerd. De Brandweet 1985 geeft in artikel 1, lid 4 aan dat burgemeester en wethouders de zorg hebben voor:

a. het voorkomen, beperken en bestrijden van brand, het beperken van brandgevaar, het voorkomen en beperken van ongevallen bij brand en al hetgeen daarmee verband houdt;
b. het beperken en bestrijden van gevaar voor mensen en dieren bij ongevallen anders dan bij brand.

In aansluiting daarop geeft artikel 1, lid 6 van diezelfde wet de taak van de brandweer:

De taak van de brandweer bestaat in elk geval uit de feitelijke uitvoering van werkzaamheden ter zake van de in het vierde lid genoemde onderwerpen alsmede ter zake van het beperken en bestrijden van rampen en zware ongevallen als bedoeld in artikel 1 van de Wet rampen en zware ongevallen.

Dus samen met haar uitvoerende organisatie, de brandweer, geeft het College van Burgemeester en Wethouders uitvoering aan deze lokale verantwoordelijkheid.

Brandbeveiligingsverordening

Op grond van artikel 12 van de Brandweerwet 1985 moet in iedere gemeente een zogeheten Brandbeveiligingsverordening (BBV) zijn vastgesteld. In deze verordening worden zaken op het gebied van de brandveiligheid geregeld, waarin niet is voorzien bij of krantens de Woningwet of andere wetgeving. De brandbeveiligingsverodening bied tevens de aanschrijvingsgrond voor de aanvraag van een gebruiksvergunning voor ‘bouwwerken, geen gebouw zijnde’. Het gaat om die bouwwerken of inrichtingen die niet vallen onder de werkingsfeer van de Woningwet. Gedacht moet worden aan evenementterreinen, (feest)tenten, markten e.d..

 

Arbeidsomstandighedenwet

 

De Arbeidsomstandighedenwet, ook wel de Arbowet genoemd, regelt de veiligheid, de bescherming van de gezondheid en de bevordering van het welzijn van werknemers. Onder andere geeft deze wet grenzen aan voor brandpreventie in relatie tot de arbeidsveiligheid van werknemers. Handhaving van de Arbowet gebeurt door de Arbeidsinspectie. Het kan voorkomen dat naast een verleende gebruiksvergunning vanuit de arbeidsinspectie nadere eisen op het gebied van brandveiligheid worden gesteld.

 

Gemeentewet

 

Op basis van artikel 174 van de gemeentewet is de burgemeester verantwoordelijk voor “het toezicht op de openbare samenkomsten en vermakelijkheden, alsmede op de voor het publiek openstaande gebouwen en daarbij behorende erven”. Bij de uitvoering van de APV, die voor dit toezicht is opgesteld, adviseert de brandweer inzake brandveiligheid en handhaaft de veiligheid in samenwerking met de politie en de afdeling Toezicht.

 

Algemene Plaatselijke Verordening (APV)

 

In de APV zijn voorschriften opgenomen die het belang van de openbare orde en veiligheid dienen. Ook is beschreven voor welke (openbare) activiteiten binnen de gemeente een vergunning noodzakelijk is. De meest bekende daarvan is de Evenementenvergunning. De brandweer adviseert de gemeente bij het verlenen van dergelijke vergunningen.